Feromoon


Of ik nu vroeg ben of laat, we staan elke dag samen bij de halte te wachten. Meestal ben ik er als eerste en zie ik hem aan komen lopen, met zijn vrijwel lege rugzak die aan één van zijn schouders bungelt en zijn lange grijzende haar bijeen gebonden in een paardenstaart. Hij heeft het lichaam van een marathonloper maar het lijkt me meer dat hij gewoon mager is. We hebben elkaar nog nooit in de ogen gekeken en ook heb ik nimmer goedemorgen tegen hem gezegd. We zijn vreemden van elkaar die toevallig op hetzelfde moment op de halte staan te wachten op het openbaar vervoer dat ons naar het werk brengt. Op de terugweg zie ik hem nooit. Ik vraag me af of hij mij ook ziet staan en hetzelfde denkt als ik. Dat als vrouwen een paar maanden dicht op elkaar wonen, hun menstruatie op synchroon schijnt te gaan lopen en dat de bus het doosje tampons is dat hij en ik met elkaar delen.




Reacties

Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Dit is een verplicht veld