Laatste artikelen

 

De nacht valt over Opium op 4 en het Vondelpark. Er brandt nog één lampje in VondelCS. Daar zit een schrijver voor te lezen uit eigen werk. Soms ben ik dat. Hieronder kun je mijn stukjes beluisteren.

 

Sneeuwwitje (woensdag 3 augustus 2016) 
http://www.radio4.nl/opiumop4/deslaapservice?page=5

Meeuwen (dinsdag 28 juni 2016) 
http://www.radio4.nl/opiumop4/deslaapservice?page=9

Eeuwige schaduw (woensdag 1 juni 2016)
http://www.radio4.nl/opiumop4/deslaapservice?page=2

Demonen (woensdag 11 mei 2016)
http://www.radio4.nl/opiumop4/deslaapservice?page=5

Bouwvakker (dinsdag 19 april 2016)  
http://www.radio4.nl/opiumop4/deslaapservice?page=7

Airmiles (maandag 15 februari 2016)
http://www.radio4.nl/opiumop4/deslaapservice?page=16

 

Reacties

'De nacht valt over Opium op 4 en het Vondelpark. Er brandt nog één lampje in VondelCS. Daar zit een schrijver voor te lezen uit eigen werk.'

Komende maandag (15 februari) maak ik mijn debuut in de Slaapservice van het radioprogramma Opium op 4. Elke dag leest een schrijver een kort stukje voor om het programma en de dag af te sluiten. Thomas Verbogt doet mee, net als Tommy Wieringa. En ik dus. Mijn eerste stukje heet 'Airmiles' en in totaal ben ik tien keer te horen, met korte stukjes van rond de 150 woorden. Joepie! 

Meer over de Slaapservice hier

Reacties


Ik schreef voor Heijmans een artikel over mijn verblijf in de Heijmans ONE.

'De laatste keer dat ik zo zenuwachtig was moet een jaar of twaalf geleden zijn. Het was toen ik mijn eerste huis kocht. De verkopende makelaar had me gezegd dat hij die dag wilde weten of ik akkoord ging met zijn laatste bod. Ik was op mijn werk en wachtte net zo lang tot het hele kantoor leeg was voordat ik hem mailde dat we een deal hadden. Ik sloot mijn computer zo snel mogelijk af en kon nog maar één ding denken: Ik wil naar mijn moeder.' Lees het hele artikel


Reacties


In 2015 won ik de schrijfwedstijd Manuscripting. Onderdeel van de prijs was dat ik een maand gebruik mag maken van de Heijmans ONE, een verplaatsbare eenpersoonswoning. Ik hield daar een dagboekje bij. 

Dag 17
Ik heb post, dus ik besta. Als ik naar binnen ga stap ik op een klein stapeltje reclamefolders. De woning voelt nog steeds als een vakantiehuisje, waardoor ik me er tot dit moment niet van bewust was dat er überhaupt een brievenbus in de deur zit. Er zit een folder bij met daarin de weekaanbiedingen van een supermarkt. De bezorger heeft mij dus gewoon de afgelopen twee weken overgeslagen,  de luiwammes. Met z’n fietstassen. En waarom zit er eigenlijk geen NEE-NEE-sticker op de deur?

Dag 24
Dit is hoe turbulentie moet voelen. Op de kale vlakte waar het huis op staat heeft de wind vrij spel. Het lijkt alsof Aeolus alle vier de winden tegelijkertijd heeft losgelaten en dat zij zich precies hier hebben verzameld om een oude ruzie uit te vechten. Het gaat er hard aan toe. Ik heb storm en regen altijd fijn gevonden. Het slaan van regendruppels op de ramen en het dak, het janken van de wind. Meer dan twintig jaar geleden had ik een cassettebandje van ‘Automatic for the people’ van R.E.M. Ik had de cd geleend bij de bibliotheek en die op mijn zelf bij elkaar gespaarde stereotoren op een TDK SA 60 gekopieerd. Het bandje was mee op vakantie en ik luisterde er in mijn tentje naar terwijl het hard regende. Sindsdien moet ik als ik een nummer van die plaat hoor aan noodweer denken, en andersom. Het album staat op Spotify maar ik zet het niet op. Ik laat de muziek uit, ik lig op het bed en ik luister naar de wind tot ik in slaap val.

Dag 30
De laatste dag. Ik pak mijn tas en laad de auto vol met mijn spullen. Ik moet nog poetsen en stofzuigen en daarna sluit ik voor de laatste keer de deur achter me. Als ik vroeger mijn kamer moest schoonmaken, zette ik de stofzuiger aan en daarna ging ik op mijn bed liggen met een pak roze koeken of rondo’s, en een boek.Nog steeds heb ik er een hekel aan.
Het fijne aan de beperkte ruimte in de ONE is dat ik zo klaar ben met schoonmaken. Het uitruimen van de vaatwasser neemt nog de meeste tijd in beslag. En dan is de maand voorbij. Ik doe het licht uit, de deur op slot en rijd naar huis.






Reacties

 

Ik was me heel er bewust van mezelf, zo zeer zelfs dat ik me nu afvraag of ik niet boven mezelf zweefde en mijn bewegingen van een afstand zag. Mijn benen, slippend zoals je in programma’s als Lachen om Home Video’s mensen op het ijs ziet stuntelen om overeind te blijven. Tevergeefs, uiteraard, ze vallen altijd en meestal ook heel hard. Ik kan daar moeilijk naar kijken, mensen die hard vallen. Of het nu op het ijs is, van een dak, fiets, skateboard, ladder of een duikplank, ik wil het niet zien. Ook omdat ik me het niet kan voorstellen dat zij met wiens leed wij ons vermaken, niet het ene na het andere bot breken bij hun valpartijen.
Dat is nu anders.
Mijn benen glibberden, mijn armen zwaaiden en ik hield een volledig uit krachttermen bestaande monoloog waarin ik de hele badkamer vervloekte terwijl ik me afvroeg hoe hard de klap zou zijn. Het leek minstens tien seconden, in werkelijkheid kan de tijd tussen mijn uitglijden en het moment dat ik lag niet langer dan twee seconden zijn geweest. Ergens had ik blijkbaar mijn hoofd nog weten te beschermen door mijn arm ervoor te houden. Met die pijnlijke arm smeet ik woedend nog een fles shampoo weg en dat ging prima. Niets gebroken, het kan dus toch. 


Reacties

 

In 2015 won ik de schrijfwedstijd Manuscripting. Onderdeel van de prijs was dat ik een maand gebruik mag maken van de Heijmans ONE, een verplaatsbare eenpersoonswoning. Af en toe schrijf ik daar een stukje over.

Dag -9
Het is een optische illusie. Waar normaal gesproken dingen groter worden als je dichterbij komt, wordt de Heijmans ONE alleen maar kleiner. Het is 1 januari, ik heb net de afslag genomen naar Haddock, waar ik een nieuwjaarsborrel heb. Tegenover die rode X-Ray staat de eenpersoonswoning die over negen dagen, een maand lang van mij is. Hij lijkt groot van deze afstand, door de voornamelijk lege ruimte waarin het huis is neergezet. Als ik dichterbij kom wordt vooral het woningblok dat op een paar honderd meter achter de Heijmans ONE is gebouwd groter. Maar de ONE wordt nooit echt klein. Het blijft een huis. Ik sta met mijn neus tegen het raam en kijk door het kiertje tussen de gordijnen. De binnenkant ziet er gezellig uit. Ik krijg er zin in. Ook omdat Haddock op loopafstand is. 


Dag 1
Er liggen kussens op de bank. Op het tafeltje staan kopjes en een plant. Er hangt iets aan de muur en er staat een aantal boeken op een plank. Het is net een echt huis, het enige dat afwijkt zijn twee kleine banieren van Heijmans die naast de kopjes en plant op tafel staan. Ik ben binnen, de komende maand heb ik een buitenverblijf. Mijn eigen Camp David, een plek waar ik ongestoord kan schrijven.

Ik kijk in kastjes en laden. In een van de kledingkasten naast het bed hangt een roze dameshemdje, alsof het door de vorige bewoner is vergeten. Het hangt er om de woning bewoond te doen lijken. Net zoals de plant en de boeken er om die reden staan. Het hemdje is ongedragen, dus ik ruik er niet aan.

 

Dag 2
Ochtend. Ik drink koffie, althans, Senseo. Het huis, waarvan het interieur niet van mij is, voelt nog steeds niet een beetje vreemd. Ik ben nog aan het ontdekken wat er allemaal is. Zo zie ik bijvoorbeeld nu pas de twee fotolijstjes die op plank boven de televisie (niet aangesloten) staan. Koperkleurig zijn ze, en leeg. Achter het plexiglas zit alleen wit papier. Ik vraag me net af of dit eenzamer oogt dan fotolijstjes met een stockfoto, als ik voetstappen hoor.
Onverwacht bezoek, denk ik. Maar het blijkt dat ik een onverwachte bewoner ben. Er staan twee mensen met hun neus tegen het raam gedrukt naar binnen te loeren. Als ze mij zien schrikken ze en voordat ik vriendelijk naar ze kan zwaaien zijn ze weer verdwenen.

 

Dag 7
Er komen mensen naar het huis kijken. Ik ben er niet, iemand van Heijmans belde me gisteren met de vraag of het uitkwam dat een collega van hem de ONE vandaag aan relaties laat zien. Ik woon er wel, maar het is niet mijn huis. Ik zie het maar als een bezichtiging, over drie weken trek ik de deur toch voor de laatste keer achter me dicht. Ik denk even na. Alles is schoon, ik ben eergister nog met de stofzuiger in de weer geweest en er liggen geen heel bijzonder persoonlijke spullen open en bloot. Laat maar komen. Maar nu besef ik me pas dat ik daar onder een roze dekbed slaap. En ik vraag me af wat het over mij zegt dat ik daar aan denk: dat er mensen die ik niet ken en die mij niet kennen door dat huis gaan lopen en een roze dekbed op het bed zien liggen. 






Reacties

 

Ik ben een blij mens. Op 29 oktober won ik Manuscripting 2015. Op Lood Magazine verscheen de volgende dag dit bericht.

Jeroen Nan wint Manuscripting 2015

30 oktober 2015

Gisteravond presenteerden finalisten Onno-Sven Tromp, Jeroen Nan en Anouk Pattyn de manuscripten van hun nog ongepubliceerde romans aan jury en publiek in de SSBA Salon in de Stadsschouwburg Amsterdam. Het manuscript dat het meest tot de verbeelding van de jury sprak, was De omstander van Jeroen Nan. Hij won daarmee de derde editie van Manuscripting.

De finale bleef tot op het laatste moment spannend. De vakjury, bestaande uit Willem Bisseling (literair agent Sebes & Bisseling Literair Agentschap), Job Lisman (hoofdredacteur Uitgeverij Prometheus/Bert Bakker) en Roel van Diepen (redacteur Uitgeverij Lebowski), noemde het niveau van de drie manuscripten ‘uitzonderlijk hoog’ en vond het kiezen van de winnaar ‘een moeilijk besluit’. Jeroen Nan wist hen te overtuigen met zijn manuscript over kindermisbruik .

‘Als je kunst – literatuur – wil maken van een heftig thema als kindermisbruik, moet het echt heel goed zijn,’ aldus Job Lisman.

De jury koos voor het manuscript van Jeroen Nan vanwege ‘de emoties die je als lezer tussen de regels door voelt’, de ‘knappe metaforen’ en ‘originaliteit’. Hij wint een gesprek met literair agent Paul Sebes, een optreden tijdens de Museumnacht Amsterdam en een verblijf van een maand in de innovatieve Heijmans ONE, een verplaatsbare eenpersoonswoning in Amsterdam. Daarnaast wint hij publicaties op de drukbezochte websites van Lood en SSBA Salon.

Eerdere Manuscripting-finalisten Karel Brown en Bronja Pradzny waren ook te gast bij de finale. Zij hielden allebei een boekcontract aan hun deelname over. Naar verwachting verschijnen hun romans in 2016. Ook waren er optredens van singer-songwriter Jesje de Schepper en spoken word artist Sleepy The Poet.

Manuscripting wordt georganiseerd door stichting Nieuwe Letteren en SSBA Salon. De schrijfwedstrijd heeft als doel getalenteerde, nog ongepubliceerde schrijvers in contact te brengen met uitgevers, literair agenten en publiek.”

Er werden tijdens de finale ook foto's gemaakt. 

Reacties


Het oude schoolgebouw wordt gesloopt. Er stond nog maar een klein stukje overeind toen ik er langs liep, op weg naar de fietsenmaker. De fiets van mijn lief had een lekke band, vandaar. De nieuwe school, die een paar honderd meter verderop staat, is al een paar maanden open. Het is een rond gebouw, met daarnaast een ronde parkeerplaats slash  speelplaats. Er staat ook een schommel, een van de weinige in de buurt. Ik bleef even staan kijken. Achter het hek van de oude school stond een bouwvakker. Hij droeg een helm en gehoorbeschermers, maar die zaten niet op zijn oren. Hij droeg wat ooit een fleurig overhemd met korte mouwen was. Er hing een zwart lederen etui voor zijn telefoon – ik vermoed een oud model Nokia, aan de riem van zijn korte broek.
Het was lekker weer.

De man leek niet veel meer te doen dan daar staan. Af en toe sprak hij met de tweede bouwvakker, die in de graafmachine zat en de stalen bek happen over het nog overeind staande stuk gebouw liet nemen. Of eigenlijk waren het hapjes. Kleine, voorzichtige hapjes zoals kinderen met losse melktanden die uit een appel nemen. De hapjes werden uitgespuugd in een al overvolle container. Het waren mannen op leeftijd, net te laat voor de VUT.
Het werk werd met een prachtige traagheid verricht, die niet alleen paste bij de leeftijd van de twee mannen, maar het leek ook alsof ze ergens nog hoopten dat als ze maar langzaam genoeg zouden zijn, dat de sloop dan misschien alsnog zou worden afgeblazen. Maar dat gebeurt nooit. De bouw van iets wordt nog wel eens stilgelegd, de sloop zelden. Omdat alles nu eenmaal een keer kapot moet.

 



Reacties


Ik reed naar een begrafenis en onderweg vroeg ik me af wanneer ik dat voor het laatst had gedaan. Dat kon ik me niet meer herinneren en ik hoopte maar dat het na vandaag ook weer heel lang zou duren. Het regende en het waaide en in de auto luisterde ik naar Antony and the Johnsons en toen ik het dorp in reed zag ik overal vlaggen die halfstok hingen. Het dorpscafé waar we na afloop naartoe zouden gaan voor koffie had een grote foto van de overledene aan de gevel gehangen. Ik keek ernaar, naar het gezicht van de man die ik niet goed kende en ik bedacht me dat zelfs mensen die hem wel heel goed kenden zich nu misschien zouden afvragen of dat wel echt zo was. 

Het was druk, ik stond in de tent die naast de kerk was geplaatst en daar stonden tv-schermen maar die deden het niet, ik hoorde alleen wat er in de kerk werd gezegd en ook daar kreeg ik brokken van in mijn keel.
Ik luisterde naar de toespraken en leerde meer over hem van wie we afscheid namen, door de woorden van de mensen die ik niet kon zien en ik kon daarom zijn keuze beter begrijpen. Wat verder niets hielp, het was nog steeds verdrietig en toen ik na afloop naar huis reed regende het nog steeds.  



Reacties


“Carolynne stopt je in en trekt zachtjes de buitendeur achter zich dicht.”
En dan gaat ze dus weg. Je huis uit, de straat uit en nog verder, tot ze thuis is en niet maar aan je denkt terwijl jij slaapt om de volgende ochtend alleen wakker te worden, zoals elke dag.
Ze voorziet ongetwijfeld in een behoefte, Carolynne met haar professionele knuffelpraktijk Lepeltje Lepeltje. Net zoals er lachtherapie bestaat, daar hebben mensen ook baat bij, al lach ik zelf liever niet op commando, doe mij maar gewoon een goede grap. Net zoals ik graag knuffel met mensen die ik ken, die dicht bij me sta en waar ik iets voor voel en die ik er niet voor hoef te betalen. Maar er zijn mensen die niemand hebben. Niemand die ze een grap vertelt, niemand die überhaupt met ze praat, en al helemaal niemand die een arm om hen heen slaat.
In dat gat is Carolynne gesprongen. Tegen betaling kun je jezelf door haar laten masseren, met haar knuffelen of naar Pathé Tuschinsky, waar ze speciale tweepersoonsstoelen hebben waarin je samen van de film kunt genieten.
En ze biedt de instopservice aan.
We maken ‘s avonds een afspraak voor een knuffelsessie en/of massage en spreken nog even je dag door. Daarna kan je rustig en ontspannen naar bed.”
En dan stopt ze je dus in en trekt zachtjes de buitendeur achter zich dicht.
Carolynne laat je de eenzaamheid even vergeten en dat lijkt me fijn voor de mensen die het nodig hebben. Maar vooral word ik heel verdrietig van de gedachte dat er een markt voor is. 






Reacties